Robeco Global Stars Equities
Olieprijsschok treft de markten, te midden van escalerende geopolitieke spanningen
- Aandelen dalen door onrust in Midden-Oosten; energiesector schiet omhoog en angst voor stagflatie neemt toe
- De sectoren discretionaire consumentengoederen en energie steunden het rendement; consumentenverbruiksartikelen en technologie droegen negatief bij
- Voorzichtige vooruitzichten gehandhaafd, geopolitieke risico’s scherp volgend
De beheerders van Robeco Global Stars Equities, werkzaam bij Robeco Institutional Asset Management, hebben deze update geschreven en zijn verantwoordelijk voor de inhoud. In dit verslag geven zij een overzicht van de prestaties en ontwikkelingen van dit fonds.
Rendement Robeco Global Stars Equities EUR G
Per 31 maart 2026
- Periode Rendement (%)
- 1 m -4,75%
- 3 m -3,87%
- Ytd -3,87%
- 1 jaar 5,01%
- 2 jaar 6,42%
- 3 jaar 12,93%
- 5 jaar 9,29%
- 10 jaar 12,55%
- Sinds 04-1933 8,84%
- Geannualiseerd (jaar)
Marktontwikkelingen
De aandelenmarkten gingen maart al gehavend in door de correctie in het softwaresegment en de onrust rond private credit (niet-bancaire leningen, niet-beursgenoteerd), maar daarbovenop escaleerde het conflict tussen de VS en Israël met Iran snel, waardoor wereldwijde aandelen aanzienlijk daalden (-4,1% in EUR; -6,4% in USD). Aanvallen op olie- en gasinfrastructuur in het Midden-Oosten stuwden de prijs van Brent-olie en gas fors omhoog. De onzekerheid over de duur en complexiteit van het conflict leidde tot zorgen over de vraagkant in de economie. Hierdoor groeide de angst voor stagflatie (stagnerende economie met hoge inflatie en hoge werkloosheid).
De VS, als grootste olie- en gasproducent ter wereld, hield relatief goed stand, terwijl energie-afhankelijke Aziatische markten zoals Japan en Zuid-Korea zwaarder werden geraakt. Europa had het eveneens moeilijk, door zijn kleinere groeibuffer en grotere neerwaartse winstdruk als het conflict aanhoudt. Sectoren als energie en nutsbedrijven waren de winnaars, terwijl cyclische aandelen (relatief sterk conjunctuurgevoelige aandelen), banken, software en rentegevoelige segmenten daalden. Al met al zijn de mogelijke uitkomsten er niet beter op geworden. Zolang het drama rond de Straat van Hormuz voortduurt, staan aandelen onder druk van een permanente ‘olieschok’-dreiging. Daarbij worden centrale banken mogelijk gedwongen om een strenger rentebeleid te voeren, om de verkeerde redenen.
Portefeuilleontwikkelingen
In maart had de portefeuille een negatief absoluut rendement, ook lager dan de wereldwijde benchmark. Op sectorniveau droeg onze positionering in consument cyclisch (consumentgerichte bedrijven die relatief sterk gevoelig zijn voor de conjunctuur) en energie het meest bij aan het rendement. Aan de andere kant hadden de sectoren consument defensief (relatief minder conjunctuurgevoelige consumentgerichte bedrijven), technologie en financiële dienstverlening het meest te lijden.
Energiebedrijf Cheniere Energy leverde de grootste positieve bijdrage, met een koersstijging van ruim 50% tot nu toe dit jaar. Dit als gevolg van de ernstige aanbodschok op de wereldwijde LNG-markten, nadat droneaanvallen op het Ras Laffan-complex in Qatar – het grootste LNG-exportcentrum ter wereld – naar schatting 20% van het wereldwijde aanbod wegvaagden. Als grootste Amerikaanse LNG-exporteur is Cheniere goed gepositioneerd om te profiteren van hogere prijzen en de omleiding van wereldwijde aankopen naar de Amerikaanse markt.
De producent van complexe elektronicaoplossingen Jabil kende eveneens een sterke maand, gesteund door uitzonderlijke resultaten over het tweede kwartaal van boekjaar 2026, met een omzetgroei van 23% jaar-op-jaar en een sterke positie in cloud- en datacenterinfrastructuur, netwerken, auto's en hernieuwbare energie. Jabil profiteert steeds meer en steeds breder van de vraag naar AI-infrastructuur, wat de AI-gerelateerde inkomsten met meer dan USD 1 miljard verhoogt. De markt beloont dit in toenemende mate.
SLB (voorheen Schlumberger) leverde een positieve bijdrage, doordat de grootste oliedienstverlener ter wereld profiteerde van de sterke stijging van de olieprijs als gevolg van de verstoringen in de Straat van Hormuz. Hoewel SLB medio maart met een negatieve winstwaarschuwing kwam, vanwege de noodzaak om activiteiten in delen van het Midden-Oosten te ontmantelen, ondersteunden de langetermijnvooruitzichten voor wederopbouw van infrastructuur en toenemende wereldwijde booractiviteit het aandeel.
Aan de andere kant droeg Komatsu aanzienlijk negatief bij in wereldwijde portefeuilles. Het aandeel daalde in maart circa 14% vanaf het hoogterecord van halverwege februari. De Japanse producent van bouw- en mijnbouwmaterieel had last van een samenloop van negatieve ontwikkelingen. Dat waren de verstoringen in de toeleveringsketen, een mogelijk dalende vraag door hogere energieprijzen, en een algemene risicomijding ten aanzien van industriële cyclische (conjunctuurgevoelige) bedrijven, tegen de achtergrond van stagflatiezorgen.
De Amerikaanse discount-winkelketen Dollar General kende eveneens een zwakke maand. Ondanks meevallende cijfers over het vierde kwartaal die het bedrijf rapporteerde, daalde het aandeel op de dag van de rapportage met meer dan 9%. Dat kwam doordat beleggers zich richtten op de voorzichtige winstprognose voor boekjaar 2026. Daarna zakte het aandeel verder weg, na de aankondiging van een CEO-wissel en door zorgen dat inflatie de koopkracht uitholt van Dollar Generals klantengroep (consumenten met een laag inkomen), mede gezien de stijgende energiekosten door het conflict in het Midden-Oosten.
Siemens Energy droeg in maart ook negatief bij, ondanks een sterk begin van 2026. Het aandeel viel terug vanaf de piek van februari door de verstoringen in het Midden-Oosten. De regio was voor Siemens Energy in 2025 goed voor 35% van de instroom van nieuwe orders voor gasturbines, en omvat voor het bedrijf ongeveer EUR 9 miljard aan totale gerelateerdheid. De bredere verkoopgolf in Europese aandelen, stijgende energieprijzen en strengere geluiden van de Europese Centrale Bank (ECB) versterkten de daling. Hoewel het bedrijf een vrij groot aandeleninkoopprogramma aankondigde en het de doelen op middellange termijn verhoogde tijdens de recente kapitaalmarktdag, woog het geopolitieke risico zwaarder.
Top 10 actieve portefeuillewegingen
Onze grootste actieve positie is Cheniere Energy, een Amerikaanse LNG-exporteur. Cheniere profiteert van hogere prijzen, maar zijn bedrijfsactiviteiten zijn grotendeels gebaseerd op vaste vergoedingen voor de lange termijn. Dat resulteert in sterke en duurzame kasstromen, die het bedrijf in staat stellen om zijn kapitaalstructuur te verbeteren door schulden af te betalen en het rendement voor aandeelhouders te verhogen. Het Britse farmaciebedrijf AstraZeneca is onze op een na grootste actieve weging. AstraZeneca heeft toonaangevende franchises in therapeutische gebieden zoals oncologie, hart- en vaatziekten en immunologie, wat zorgt voor een sterk groeipotentieel voor de komende jaren. SLB (voorheen Schlumberger) completeert onze top 3 van actieve posities en is een toonaangevende Amerikaanse leverancier van apparatuur en diensten aan de energiesector. Zijn posities in offshore- en deepwater-olie- en -gasvelden, maar ook in gebieden als CO2-afvang, geothermie en lithiumwinning, vormen een solide basis voor toekomstige groei.
Per eind maart 2026
| Onderneming | Portefeuilleweging | Indexweging | Relatieve weging |
|---|---|---|---|
| Cheniere Energy, Inc. | 3,7% | 0,1% | 3,6% |
| AstraZeneca PLC | 3,3% | 0,4% | 2,9% |
| SLB Limited | 2,7% | 0,1% | 2,6% |
| Komatsu Ltd. | 2,0% | 0,0% | 1,9% |
| Jabil Inc. | 1,9% | 0,0% | 1,9% |
| Siemens Energy AG | 2,0% | 0,2% | 1,8% |
| Banco Bilbao Vizcaya Argentaria, S.A. | 1,9% | 0,2% | 1,8% |
| Thermo Fisher Scientific Inc. | 2,0% | 0,2% | 1,7% |
| Haleon PLC | 1,7% | 0,1% | 1,7% |
| Vertiv Holdings Co. Class A | 1,7% | 0,1% | 1,6% |
Het extra rendement ten opzichte van een referentie-index door middel van actief beleggingsbeheer (‘alpha’) komt van actieve wegingen, en daarom delen we de belangen waarbij we het meest afwijken van de benchmark.
Portefeuillewijzigingen
In maart hebben we onze positie in het softwaresegment weer vergroot. Dat deden we via diverse aandelen die in onze ogen overdreven waren gedaald tijdens de recente verkoopgolf en waarvoor wij geen fundamentele bedreiging van AI voor het bedrijfsmodel zien. Toegevoegde aandelen zijn onder andere cybersecuritybedrijf Palo Alto Networks, digitale workflow-speler ServiceNow, en de gespecialiseerde aanbieder van financiële softwarediensten Intuit. We hebben de belangen in verschillende hoogvliegers binnen de halfgeleidersector (zoals Micron, Intel, Applied Materials) verkleind om deze aankopen te financieren.
Daarnaast hebben we ook de weging verhoogd in onze energiebelangen Cheniere Energy en SLB, omdat beide naar verwachting profiteren van hogere olie- en gasprijzen en van een toename van de investeringen op termijn. Na een sterke koersdaling van farmaciebedrijf Novo Nordisk hebben we besloten om ons belang in dit aandeel opnieuw te vergroten. Dit omdat het potentiële grote opwaartse potentieel van de introductie van de GLP-1-pil nog niet door de markt wordt ingecalculeerd, wat een aantrekkelijk waarderingsplaatje oplevert. We hebben ook herverzekeringsmakelaar Marsh McLennan aan de portefeuille toegevoegd. In onze ogen is de verkoopgolf in het aandeel te ver doorgeschoten, zeker omdat het bedrijfsmodel van Marsh het in een scenario van reflatie (oplopende inflatie) goed zou moeten doen en de groei op het punt staat weer aan te trekken. Tot slot hebben we onze posities in auto-onderdelenbedrijf AutoZone en Unilever verkocht, omdat we minder positief werden over beide bedrijven door twijfels over hun strategische richting.
Sectorwegingen
We hebben een groot belang in sectoren die een hoog rendement op geïnvesteerd vermogen en een hoge vrije kasstroom genereren, en een kleine positie in zeer kapitaalintensieve bedrijven met een laag rendement op geïnvesteerd vermogen.
Per eind maart 2026
| Sector | Portefeuilleweging | Indexweging | Relatieve weging |
|---|---|---|---|
| Informatietechnologie | 30,0% | 25,7% | 4,3% |
| Gezondheidszorg | 14,2% | 9,6% | 4,5% |
| Financiële dienstverlening | 13,7% | 16,3% | -2,6% |
| Industrie & dienstverlening | 10,4% | 11,8% | -1,4% |
| Communicatiediensten | 10,0% | 8,5% | 1,5% |
| Consument cyclisch | 8,0% | 9,3% | -1,3% |
| Energie | 6,3% | 4,7% | 1,6% |
| Consument defensief | 3,0% | 5,7% | -2,7% |
| Basismaterialen | 2,9% | 3,6% | -0,7% |
| Vastgoed | 1,5% | 1,8% | -0,3% |
| Nutsbedrijven | 0,0% | 2,9% | -2,9% |
Vooruitzichten
De vraag hoe het nu verder moet, hangt vrijwel volledig af van hoe snel de situatie in het Midden-Oosten afkoelt. De markten houden er momenteel rekening mee dat het conflict binnen enkele weken wegebt, met een olieprijs die voor de rest van 2026 rond USD 80-85 stabiliseert. Als dat scenario werkelijkheid wordt, zouden aandelen geleidelijk moeten stijgen, door daadwerkelijke winstgroei. De enorme investeringscyclus in AI-, defensie- en energie-infrastructuur (bijna USD 700 miljard door alleen al de zeer grote datacenters, de zogenaamde ‘hyperscalers’) legt een solide bodem onder de bedrijfswinsten in de VS.
Europa heeft het lastiger, omdat het meer afhankelijk is van energie, meer is blootgesteld aan de gasschok en nu te maken kan krijgen met renteverhogingen door de ECB op een moment dat de groei al traag is. De grote economieën in Azië ondervinden vergelijkbare tegenwind op energiegebied, al bieden China’s enorme strategische reserves en binnenlandse prijsmechanismen enige bescherming. De kleine kansen op extreme gebeurtenissen (de zogeheten ‘staartrisico’s) zijn reëel en neigen naar de negatieve kant. Het basisscenario is nu dat van beweeglijke, maar stijgende markten, aangevoerd door Amerikaanse tech-, industrie- en energiegerelateerde bedrijven, met af en toe inzakkingen bij nieuws over olie, private credit of AI-verstoringen. We hebben geleerd dat een muur van zorgen beklommen kan worden, maar bij voorkeur op een beheerste manier, met oog voor kwaliteit.
Belangrijke informatie
Robeco Institutional Asset Management B.V. heeft een vergunning van de Autoriteit Financiële Markten te Amsterdam als beheerder van instellingen voor collectieve belegging in overdraagbare effecten (ICBE's) en alternatieve beleggingsfondsen (AIF's) ("Fonds(en)"). De informatie in deze publicatie is ontleend aan door ons betrouwbaar geachte bronnen. Robeco kan niet instaan voor de juistheid en de volledigheid van de genoemde feiten, meningen, verwachtingen en de uitkomsten ervan. Hoewel deze publicatie met de grootste zorgvuldigheid is samengesteld, zijn wij niet aansprakelijk voor schade van welke aard ook die het gevolg is van onjuiste dan wel onvolledige gegevens. Deze publicatie kan zonder voorafgaande waarschuwing worden gewijzigd. De waarde van beleggingen kan fluctueren. In het verleden behaalde resultaten bieden geen garantie voor de toekomst. Indien de getoonde performance uit het verleden luidt in een andere valuta dan de valuta van het land waar u woont, moet u er rekening mee houden dat als gevolg van schommelingen in de wisselkoers de getoonde performance hoger of lager kan zijn als deze wordt omgerekend naar uw lokale valuta. Tenzij anders aangegeven is de performance i) gebaseerd op de koers na aftrek van kosten en ii) inclusief herbelegging van dividend. Meer informatie over de fondsen wordt gegeven in het prospectus. Deze is verkrijgbaar via de kantoren van Robeco of via de website www.robeco.nl.
