Erfenis? Overweeg beneficiaire aanvaarding

Er bestaan twee manieren om een erfenis te aanvaarden: zuiver of beneficiair. Bij een zuivere aanvaarding erft u alle bezittingen en schulden van de overledenen. Dit kan gevolge hebben als de schulden hoger zijn dan de waarde van de bezittingen. Daarom is beneficiair aanvaarden ook een optie. In deze blog leggen we uit wat dit inhoudt.

Bent u erfgenaam van iemand die pas overleden is? Dan kunt u de erfenis op twee manieren aanvaarden. Kiest u voor zuiver aanvaarden, dan erft u zowel de bezittingen als de schulden van de overledene. Als vervolgens blijkt dat de schulden hoger zijn dan de waarde van de bezittingen, dan bent u met uw eigen vermogen aansprakelijk voor het tekort. Om dat te voorkomen, kunt u ervoor kiezen om de nalatenschap beneficiair te aanvaarden. Dan worden eerst alle bezittingen en schulden geïnventariseerd en vervolgens afgewikkeld (vereffend). Om een nalatenschap beneficiair te aanvaarden, moet u een verklaring bij de rechtbank indienen. Dat kost € 134 (tarief 2023).

Onverwachte schuld

Heeft u zuiver aanvaard en duikt er later een onverwachte schuld op? Dan kunt u de rechter binnen drie maanden na het bekend worden van de schuld alsnog verzoeken beneficiair te mogen aanvaarden. Die regeling is op 1 september 2016 ingevoerd om erfgenamen beter te beschermen. Maar het is niet zo dat iedere schuld die niet bekend is bij een erfgenaam een ‘onverwachte’ schuld is. Schulden waarvan een erfgenaam had kunnen weten, zijn geen onverwachte schulden. Een erfgenaam heeft namelijk wel een onderzoeksplicht. Zo zijn bijvoorbeeld belastingschulden van de overledene geen onverwachte schulden als die pas later bij de erfgenaam bekend worden.

Hoe zit dat met de onderzoeksplicht van een erfgenaam? Hoeveel onderzoek moet u doen en krijgt u daarmee zekerheid over de omvang van de erfenis? Hieronder leest u over een praktijkvoorbeeld waarin sprake was van een omvangrijke onverwachte schuld. De rechter deed een verrassende uitspraak.

Voorbeeld: kleinkind enig erfgenaam, anderen onterfd

In een procedure voor het Gerechtshof ’s-Hertogenbosch kwam de vraag op of er sprake was van een onverwachte schuld. Wat was het geval?

Een kleinkind (30 jaar) was enig erfgenaam van zijn overleden grootmoeder. Hij was ongeveer acht jaar geleden bij haar ingetrokken om haar te verzorgen. Haar twee kinderen, de vader en de tante van het kleinkind, had zij onterfd.

Na het overlijden van zijn oma had het kleinkind onderzoek gedaan in haar administratie en informatie gevraagd bij zijn vader, bij de accountant van zijn oma en bij de notaris. Daaruit bleken geen schulden, waarna het kleinkind de nalatenschap zuiver aanvaardde. Kort daarna komt zijn tante met een vordering van € 355.000, die is ontstaan bij het overlijden van haar vader (de opa van het kleinkind) 31 jaar geleden. Bij het overlijden van opa is zijn nalatenschap afgewikkeld met een ‘ouderlijke boedelverdeling’, vergelijkbaar met het huidige wettelijke erfrecht. Alle goederen en schulden gingen naar zijn echtgenote (oma) en de kinderen (vader en tante) kregen hun erfdeel in de vorm van een rentedragende vordering op hun moeder (oma), die pas opeisbaar was na haar overlijden. Die zogenoemde overbedelingsvordering was door 31 jaar rentebijschrijving inmiddels opgelopen tot die € 355.000 (zowel voor vader als voor tante). De nalatenschap bleek daarom toch zwaar negatief te zijn. Het kleinkind verzoekt de rechter om de nalatenschap alsnog beneficiair te mogen aanvaarden door deze onverwachte schuld.

De rechter moest dus bepalen of dit een onverwachte schuld was. In de parlementaire behandeling van de wet zijn dit soort overbedelingschulden tussen langstlevende ouder en kinderen ter sprake gekomen. Deze overbedelingschulden worden namelijk niet opgenomen in de jaarlijkse aangifte inkomstenbelasting, omdat ze zijn ‘gedefiscaliseerd’. Kinderen geven de vordering niet op als bezitting in box 3, en de langstlevende ouder vermeldt het niet als schuld. Regelmatig worden deze schulden dus vergeten. Desondanks is gezegd dat deze schulden in de meeste gevallen niet als onverwachte schuld aangemerkt kunnen worden.

Uitspraak Gerechtshof

Maar in dit geval beslist de rechter in het voordeel van het kleinkind en merkt de overbedelingschuld toch aan als onverwachte schuld. Het kleinkind heeft namelijk uitgebreid onderzoek gedaan: zowel bij zijn vader als bij oma’s accountant was deze schuld niet in beeld. Ook de notaris heeft hem niet gewezen op het bestaan van een mogelijke overbedelingschuld. Oma heeft tijdens haar leven ook nooit aangegeven dat er nog een overbedelingschuld zou kunnen zijn. Daarbij speelt ook dat het kleinkind zijn opa nooit gekend heeft, hij was nog niet geboren toen opa overleed en hij heeft dus ook niets ontvangen uit de erfenis van zijn opa. Onder deze omstandigheden is er daarom volgens de rechter toch sprake van een voor het kleinkind onverwachte schuld en mag hij de nalatenschap toch beneficiair aanvaarden. Het kleinkind komt er in dit geval dus zonder kleerscheuren van af.

Moraal van het verhaal

Bij het overlijden van een langstlevende ouder of grootouder moet u altijd bedacht zijn op dit soort ‘onzichtbare’ schulden. Onderzoek altijd hoe de nalatenschap van de eerst overleden ouder of grootouder is afgewikkeld voordat u zuiver aanvaardt. Twijfelt u? Overweeg dan om de nalatenschap beneficiair te aanvaarden.

Geschreven door het Kenniscentrum van Van Lanschot Kempen naar de stand van zaken op 29 augustus 2023.

Dit artikel bevat alleen algemene informatie en geen persoonlijk advies. Wilt u persoonlijk advies, overleg dan met uw fiscaal adviseur of uw notaris wat de beste keuze voor u is.

Meer weten over het ontvangen van een erfenis?
3.215.186.30