Wat zijn de 4 pijlers van pensioen?

Het opbouwen van een goed pensioen is voor veel mensen belangrijk en noodzakelijk. Maar pensioen vinden we ook ingewikkeld. Daarom beginnen we met de uitleg van de pensioenpijlers en de voor- en nadelen daarvan. Het pensioenstelsel in Nederland is gebaseerd op 4 pensioenpijlers. Dit zijn AOW (Algemene Ouderdomswet), pensioen via uw werkgever(s), aanvullend (individueel) pensioen door zelf te sparen en of te beleggen en eigen vermogen.

Pijler 1: AOW (Algemene Ouderdomswet)

Iedereen die in Nederland woont (of gewoond heeft) krijgt van de overheid AOW. Een basis-inkomen dat u vanaf (ongeveer) 67 jaar krijgt. Per jaar dat u in Nederland woont, bouwt u 2% op. Dit is dus ongeacht of u heeft gewerkt of niet.

Voor alleenstaanden is dit bruto rond 1.500 euro per maand. Als u met een partner samenwoont, is dat ongeveer 1.000 euro per persoon, dus samen 2.000 euro per maand (2024, zie AOW). Dit is voor de meeste mensen niet voldoende om hun huidige levensstandaard voort te kunnen zetten.

Pijler 2: Collectief pensioen via uw werkgever(s)

De tweede pensioenpijler is het pensioen dat u opbouwt via uw werkgever. Samen met andere werknemers gaat iedere maand een deel van het salaris in een gezamenlijke pensioenpot. Dit percentage ligt meestal tussen de 15% en 30% van het brutosalaris. Dit pensioen is bedoeld als aanvulling op de AOW en is vaak gebaseerd op uw salaris en het aantal jaren dat u hebt gewerkt. Het voordeel van dit pensioen is dat het een stabiel en betrouwbaar pensioen is dat vaak wordt beheerd door professionele fondsbeheerders. Net als bij de eerste pijler betreft het hier een levenslang pensioen. Het nadeel is dat de hoogte van uw pensioen afhankelijk is van de beleggingsprestaties van het pensioenfonds. Daarnaast is er geen garantie dat uw pensioenfonds voldoende geld heeft om alle pensioenen uit te betalen als u met pensioen gaat. Het is een collectief fonds dat over alle deelnemers verdeeld moet worden. We worden steeds ouder, waardoor het fonds over een steeds langere periode geld moet uitbetalen aan de deelnemers.

Pijler 3: Individueel pensioen met fiscaal voordeel

De derde pensioenpijler is een aanvulling op uw pensioen die u zelf regelt. Deze vorm wordt ook wel een beleggingslijfrente genoemd. Uw eigen potje als aanvulling op uw pensioen, waarbij u de inleg kunt aftrekken van uw inkomstenbelasting. Dit kan via pensioensparen, pensioenbeleggen of een lijfrenteverzekering. Voor het bedrag dat u voor uw pensioen wilt inleggen gelden fiscale regels, zo moet de inleg passen binnen uw jaarruimte. Van het opgebouwde vermogen dat u wilt gebruiken als aanvulling op uw pensioen moet u rond de tijd dat u met pensioen gaat, maar maximaal 5 jaar na uw AOW-leeftijd, een lijfrente-uitkering aankopen.

Het voordeel is dat u zelf kunt bepalen hoeveel u wilt sparen of beleggen binnen de jaarruimte. Als u het ene jaar wat minder wilt inleggen of een jaartje wilt overslaan is dat dus mogelijk.  

Het geld dat u belegt of spaart is bedoeld voor uw pensioen, u kunt het niet zonder meer tussentijds opnemen. Dan moet u alsnog de inkomstenbelasting betalen en mogelijk een extra (revisie) rente van 20%.

Fiscaal voordeel 3e pijler pensioenaanvulling

Uw inleg is aftrekbaar bij uw aangifte inkomstenbelasting. Verder wordt het vermogen dat u opbouwt niet belast in Box 3. Zo bouwt u aan een aanvulling voor uw pensioen en betaalt u minder belasting. Als u later een uitkering aankoopt, betaalt u hier wel belasting over, maar deze is doorgaans lager. Omdat u geen AOW-premie meer hoeft te betalen, betaalt u namelijk in de eerste schijf 19,03% in plaats van 39,93%. Er is in dit geval dus sprake van een tariefsvoordeel.  

Pijler 4: Eigen vermogen/bezittingen

De vierde pensioenpijler is het vermogen dat u zelf hebt opgebouwd via bijvoorbeeld spaargeld of beleggingen. Het voordeel is dat u volledige controle hebt over dit vermogen en dat u het op elk moment kunt gebruiken. Het nadeel is dat u niet profiteert van het fiscale voordeel van pensioenopbouw uit de derde pijler. En omdat u makkelijk over het vermogen kunt beschikken, kan dit een risico zijn voor uw pensioen. Er moet immers voldoende overblijven als aanvulling op uw inkomen voor later. U kunt ook vermogen opbouwen via de overwaarde op uw eigen huis. Daar kleeft wel een nadeel aan: het vermogen zit vast in “stenen” en u bent afhankelijk van de grillen van de huizenmarkt.

Welke stappen te nemen?

Belangrijk is om eerst inzicht in uw pensioensituatie te krijgen. Wat is uw gewenste netto-inkomen per jaar voor later? Vergelijk dat met wat u netto krijgt per maand. Op www.mijnpensioenoverzicht.nl kunt u zien wat u tot nu toe aan pensioen hebt opgebouwd en het verwachte pensioenbedrag na pensionering, inclusief AOW. Tel daarbij het saldo van uw vermogen en schulden op en eventuele andere potjes die u heeft als aanvulling op uw pensioen. Het is vaak verstandig om een financieel adviseur in te schakelen om het totaalplaatje in kaart te brengen. Als blijkt dat u een pensioentekort heeft, dan kunt u aanvullend pensioen opbouwen.

Om extra vermogen op te bouwen voor uw pensioen, is de derde pijler fiscaal aantrekkelijk. Stel uw pensioenopbouw niet uit. Hoe eerder u begint, hoe meer u kunt opbouwen. Heeft u hier vragen over? Neem dan contact op met een van onze vermogenscoaches of met uw financieel adviseur.

Lees meer over de mogelijkheden om met Evi Pensioenbeleggen pensioen op te bouwen in de derde pijler.

Heeft u vragen over uw pensioenopbouw? Neem dan contact op met onze vermogenscoaches.

 

Let op: beleggen kent risico’s, u kunt (een deel van) uw inleg verliezen. Deze tekst is geschreven naar de stand van zaken van 11-01-2024 en is geen advies.

3.230.143.213